Blog

Examentip A2: zo gebruik je een oefenexamen

Last updated: 28-10-2026

Strategie

Doe alsof het de echte examendag is. Maak het oefenexamen in één keer, of in twee delen (Lezen + Luisteren, daarna Schrijven + Spreken). Doe het op het tijdstip van je echte examen. Gebruik een koptelefoon (maar geen noise cancelling, want in een examenruimte kan het lawaaierig zijn!). Leg je telefoon weg en schrijf Schrijven op papier, met een pen. Geen woordenboek, geen vertaalapp, geen pauze.

Houd je aan de tijd. Lezen: ongeveer 2,5 minuut per vraag. Luisteren: lees de vraag voor elk fragment en kies direct als het fragment klaar is. Schrijven: 6 of 7 minuten per opdracht. Spreken: ongeveer 30 tot 60 seconden per antwoord.

Geef jezelf een eerlijke score. Lezen en Luisteren krijgen automatisch een score. Bij Schrijven en Spreken vergelijk je je antwoord met het modelantwoord en gebruik je de beoordelingstabel. Heb je een docent (PRO)? Stuur je antwoorden van Schrijven en Spreken dan naar je docent voor een tweede mening.

Kijk naar je resultaten per soort opdracht, niet alleen naar het totaal. Heb je 9/13 bij Lezen en zijn al je fouten bij vragen als "wat moet je doen?"? Dan weet je wat je moet oefenen.

Wanneer meld je je aan? Haal je bij een vaardigheid de "veilige" score? Dan ben je waarschijnlijk klaar om je voor dat examen aan te melden. Zit je in de "twijfel"-zone? Oefen dan extra en doe het oefenexamen over 2 of 3 weken opnieuw. Je kunt je voor de vier examens apart aanmelden. Begin dus met je sterkste vaardigheid.

Open opdracht: Oefenexamen Schrijven

Schrijf alle drie de opdrachten op papier in 20 minuten. Vergelijk ze daarna met de modelantwoorden en geef elke opdracht een score met de beoordelingstabel. Heb je PRO? Stuur je papier (een foto) dan naar je docent. Zolang er nog geen aparte stap voor open opdrachten is, krijg je dit als huiswerk van je docent.

Taak 1 · Formulier

U meldt uw zoon aan bij voetbalclub VV De Zwaluwen. Vul het formulier in.

Veld · Modelantwoord

  • Naam kind · Adam El Amrani
  • Geboortedatum kind · 08-05-2018
  • Naam ouder · Nora El Amrani
  • Adres · Beukenlaan 31
  • Postcode en woonplaats · 7552 GH Hengelo
  • Telefoonnummer · 06 5544 3322
  • E-mailadres · nora.elamrani@mail.nl
  • Heeft uw kind al eerder gevoetbald? · ☒ ja ☐ nee
  • Opmerking (bijvoorbeeld een allergie) · Adam is allergisch voor noten.
  • Datum en handtekening · 12-08-2026, N. El Amrani

Taak 2 · Briefje

Morgen komt er een pakket voor u, maar u bent niet thuis. Schrijf een briefje voor de bezorger. Het hangt op uw deur. Schrijf:

  1. U bent niet thuis.
  2. Bij wie kan de bezorger het pakket afgeven?
  3. Uw telefoonnummer.

Modelantwoord:

Beste bezorger,

Ik ben vandaag niet thuis. Wilt u mijn pakket bij de buren op nummer 12 afgeven? Mevrouw Smit is de hele dag thuis. Is er een probleem? Bel me dan: 06 1122 3344.

Bedankt!

Groeten, Yara Nassar (nummer 10)

Taak 3 · E-mail

U volgt een cursus Nederlands. Volgende week dinsdag kunt u niet naar de les. Schrijf een e-mail aan uw docent, meneer Bakker (40–60 woorden). Schrijf:

  1. waarom u niet komt;
  2. een vraag over het huiswerk;
  3. wanneer u weer komt.

Modelantwoord:

Beste meneer Bakker,

Volgende week dinsdag kan ik helaas niet naar de les komen, omdat mijn dochter dan een operatie aan haar oor heeft. Ik ga met haar mee naar het ziekenhuis.

Welk huiswerk moet ik maken? Kunt u het mij mailen?

Donderdag ben ik er weer.

Met vriendelijke groet,

Pavel Novák

Beoordelingstabel Schrijven (geef elke opdracht per regel 0, 1 of 2 punten; maximaal 6 per opdracht, 18 in totaal)

0 · 1 · 2

  • Opdracht uitgevoerd · Eén punt of minder gedaan, of de verkeerde opdracht · De meeste punten gedaan, één punt mist of is niet duidelijk · Alle punten gedaan
  • Begrijpelijk · De lezer begrijpt het bericht niet · Begrijpelijk, maar met moeite · Direct duidelijk; begroeting en naam waar nodig
  • Taal · Vooral losse woorden, veel fouten waardoor je het niet begrijpt · Eenvoudige zinnen, fouten maar je begrijpt het wel · Goede eenvoudige zinnen, goede woordvolgorde, goede vorm (u/je)

Open opdracht: Oefenexamen Spreken

Bij elke opdracht: lees of bekijk de opdracht, denk 10 seconden na en neem dan je antwoord op (ongeveer 30 tot 60 seconden). Stop de opname niet om opnieuw te beginnen. Luister daarna naar je opname, vergelijk die met het modelantwoord en geef elk antwoord een score met de beoordelingstabel. Heb je PRO? Stuur je opnames dan naar je docent. Zolang er nog geen aparte stap voor open opdrachten is, krijg je dit als huiswerk van je docent. Beschrijvingen van de afbeeldingen voor het designteam staan in cursief.

Deel 1 · Reageren op een video

  1. Video: een collega zegt: "Ik ga volgende maand trouwen!"

Model: Wat leuk, gefeliciteerd! Waar gaan jullie trouwen? Ik hoop dat het een mooie dag wordt.

  1. Video: een man in de supermarkt zegt: "Pardon, waar zijn de eieren?"

Model: De eieren? Die zijn daar, naast de melk. Ga hier rechtdoor en dan naar links. Ik loop wel even mee!

Deel 2 · Een foto en een vraag

  1. Foto: een familie eet buiten aan een tafel in de tuin. Wat doen de mensen? En met wie eet u graag?

Model: Op de foto zie ik een familie in de tuin. Ze eten samen aan een grote tafel en het is mooi weer. Zelf eet ik het liefst met mijn vrienden, omdat dat altijd gezellig is.

  1. Foto: een vrouw op de markt koopt bloemen. Wat koopt de vrouw? En wat koopt u graag op de markt?

Model: De vrouw koopt bloemen, ik denk tulpen. Ze betaalt bij de kraam. Ik koop op de markt graag fruit en vis, want dat is daar vers en niet duur.

Deel 3 · Kiezen en uitleggen

  1. Plaatje A: een sportschool. Plaatje B: hardlopen in het park. U wilt meer sporten. Wat kiest u? Waarom?

Model: Ik kies hardlopen in het park. Het is gratis, en ik ben graag buiten. Ik kan ook lopen wanneer ik wil, bijvoorbeeld 's ochtends voor mijn werk. Het nadeel is het slechte weer in de winter, maar dan neem ik een warme jas.

  1. Plaatje A: bloemen. Plaatje B: een taart. Uw vriendin is jarig. Wat neemt u mee? Waarom?

Model: Ik neem een taart mee. Mijn vriendin eet graag zoete dingen, en we kunnen de taart samen opeten met de andere gasten. Bloemen zijn ook mooi, maar een taart vind ik gezelliger.

Deel 4 · Een verhaal bij drie plaatjes

  1. Plaatje 1: een meisje fietst naar school. Plaatje 2: ze heeft een lekke band en staat naast haar fiets. Plaatje 3: een vriendin komt; ze lopen samen naar school. Vertel wat er gebeurt.

Model: Eerst fietst een meisje naar school. Daarna heeft ze een lekke band. Ze staat naast haar fiets en ze is boos, want ze is nu te laat. Tot slot komt haar vriendin. Ze lopen samen naar school. Gelukkig!

  1. Plaatje 1: een vrouw wandelt met haar hond in het park. Plaatje 2: de hond rent weg achter een kat. Plaatje 3: een jongen brengt de hond terug. Vertel wat er gebeurt.

Model: Eerst wandelt een vrouw met haar hond in het park. Dan ziet de hond een kat en hij rent weg. De vrouw roept, maar de hond komt niet terug. Tot slot brengt een jongen de hond terug. De vrouw is heel blij en ze bedankt de jongen.

Beoordelingstabel Spreken (geef elk antwoord 0, 1 of 2 punten; maximaal 16)

Score · Beschrijving

  • 0 · Geen antwoord, niet te begrijpen, of over iets anders
  • 1 · Gedeeltelijk: maar één woord of één zin, een deel van een vraag met twee delen mist, of maar één van de drie plaatjes
  • 2 · Volledig: een antwoord op elk deel, in zinnen, begrijpelijk voor een Nederlander; kleine fouten en een accent zijn geen probleem

Focus op het examen

Onderdeel: alle vier de taalexamens (KNM heeft een eigen oefenexamen, K.11). Soort opdrachten: alle soorten opdrachten van EX-A2.

Stap · Oefenexamen · Echt examen (voor zover bekend)

  • 1 · Lezen · 3 teksten, 13 meerkeuzevragen, met tijd: 32 min · 65 min, ongeveer 25 meerkeuzevragen, computer
  • 2 · Luisteren · 4 fragmenten, 12 meerkeuzevragen, je hoort het één keer, met tijd: 22 min · 45 min, ongeveer 25 meerkeuzevragen, computer
  • 3 · Schrijven · 3 opdrachten (formulier, briefje, e-mail), met tijd: 20 min, op papier · 40 min, 4 opdrachten, pen en papier
  • 4 · Spreken · 8 opdrachten (2 per deel), met tijd: ongeveer 18 min · 35 min, ongeveer 16 vragen in 4 delen, computer

Veelgemaakte fouten bij een oefenexamen

  1. De tijd stilzetten of dingen opzoeken: dan zegt de score niets.
  2. Zelf geen score geven bij Schrijven en Spreken, omdat het "niet automatisch" gaat.
  3. Alleen naar het totaal kijken en niet naar de soort opdracht die fout ging.
  4. Het oefenexamen te vroeg doen (voor EX-A2.1 tot en met 7) of de dag voor het examen (dan heb je geen tijd meer om je zwakke punten te oefenen).

Score en volgende stappen

Zo lees je je score. Voor elk echt A2-examen ben je geslaagd of niet geslaagd. DUO zet geen percentage op de website. Andere bronnen noemen ongeveer 19/25 voor Lezen en 18/25 voor Luisteren (ongeveer 72 tot 76%). De zones hieronder liggen iets hoger. Haal je een "veilige" score in het oefenexamen, dan heb je op de examendag nog wat ruimte voor zenuwen.

Vaardigheid · Max · Veilig (meld je aan voor het examen) · Twijfel (oefen 2 tot 3 weken, doe het opnieuw) · Nog niet (herhaal de lessen)

  • Lezen · 13 · 11-13 · 9-10 · 0-8
  • Luisteren · 12 · 10-12 · 8-9 · 0-7
  • Schrijven (beoordelingstabel) · 18 · 14-18 · 11-13 · 0-10
  • Spreken (beoordelingstabel) · 16 · 13-16 · 10-12 · 0-9

Voor het controlepunt (stap 6) heb je 60 punten nodig. Dan gaat het volgende onderdeel van het leerpad open. De tabel met vaardigheden hierboven is de echte richtlijn.

Welke les herhaal je bij welke zwakke soort opdracht?

Je verloor de meeste punten bij… · Tag soort opdracht · Herhaal

  • Lezen: tijden, prijzen, plaatsen (Lezen 3, 6, 7, 10-12) · exam-lezen-a2-praktische-teksten · EX-A2.2 stap 2 en 4 (scannen, rekenen)
  • Lezen: waarvoor is de tekst / wat moet je doen (Lezen 1, 2, 5, 9, 13) · exam-lezen-a2-tekstdoel · EX-A2.2 stap 1 en 3 + de valkuilen in de Tip
  • Luisteren: gesprekken (fragment 1, 3, 4) · exam-luisteren-a2-gesprekken · EX-A2.4 stap 2 en 4
  • Luisteren: mededelingen en berichten (fragment 2) · exam-luisteren-a2-mededelingen · EX-A2.4 stap 1 en 3
  • Schrijven: het formulier (Taak 1) · exam-schrijven-a2-formulier · EX-A2.3 opdracht A + checklist
  • Schrijven: het briefje (Taak 2) · exam-schrijven-a2-kort-bericht · EX-A2.3 opdracht B
  • Schrijven: de e-mail (Taak 3), formeel/informeel of punten vergeten · exam-schrijven-a2-email-formeel / -informeel · EX-A2.6 stap 2 en 3
  • Spreken: deel 1 en 2 (antwoorden van één woord, halve antwoorden) · exam-spreken-a2-korte-reactie, exam-spreken-a2-foto-beschrijven · EX-A2.5, de formule met 3 zinnen
  • Spreken: deel 3 en 4 (geen duidelijke keuze, plaatjes in de verkeerde volgorde) · exam-spreken-a2-kiezen-en-uitleggen, exam-spreken-a2-verhaal-vertellen · EX-A2.7, kader voor kiezen en kader voor een verhaal
  • Woordvolgorde na omdat/als/dat bij Schrijven en Spreken · word-order-subordinate, bijzin-dat · Core A2.6 en A2.7 (gegenereerde oefeningen)
  • Twijfel over de examendag zelf · exam-algemeen-a2-format · EX-A2.1

Doe ook het oefenexamen KNM (K.11). Ben je een Wi2013-student? Kijk dan ook naar EX-ONA.

Gratis oefenen, elke week

Begin met het verbeteren van je Nederlands en ontvang elke week interessante taaltips en nieuwe woorden. Uitschrijven kan op elk moment.

Unsubscribe at any time.

We will never share your email