Gebruik geen bij een substantief met een of zonder lidwoord.
Gebruik niet voor al het andere: verba, adjectieven, namen, pronomens en substantieven met de, het, dit of mijn.
Nederlands · Engels
Als niet de hele zin ontkent, staat het na het vervoegde verbum, het subject, pronomens, bepaalde objecten (de/het/die/mijn + substantief) en tijdwoorden.
Nederlands · Engels
Niet staat vóór:
Vóór … · Nederlands · Engels
Bij twee verba staat niet vóór het verbum aan het eind (de infinitief of het voltooid deelwoord) en vóór een adjectief of een woordgroep met een prepositie. Objecten en tijdwoorden staan nog steeds vóór niet.
Nederlands · Engels
Handige volgorde om te onthouden: subject → verbum 1 → pronomen/bepaald object → tijd → niet → manier → plaats → verbum 2
In een bijzin gaan alle verba naar het eind. Niet blijft vóór die groep verba staan, en ook vóór een adjectief of een woordgroep met een prepositie.
Nederlands · Engels
Wil je een contrast maken met één woord? Zet niet er direct voor en gebruik maar:
Nederlands · Engels
Leer deze als vaste combinaties:
Nederlands · Engels
Ik woon niet meer in Amsterdam. · Ik ben nog niet klaar. · Ik ook niet.
Fout · Goed · Waarom
Oefen de ontkenningswoorden!
15 kaarten
Test je kennis met 8 vragen.
Word Pro-lid voor toegang tot exclusieve content, privéthreads en steun onze groeiende community.
Nog geen reacties — begin het gesprek