Check our new -> Dutch group courses
Combined Shape CopyCreated with Sketch.

Prepositions

Share&Save

Learn the theory

Preposities in het Nederlands

Onder deze lijst vind je een oefening over preposities

Let op: de vertalingen in het Engels geven alleen een idee van de betekenis van de preposities. Vooral preposities die bij bepaalde werkwoorden horen, kunnen in het Engels erg verschillen.

  • met

  • with

  • van

  • from

  • naar

  • to

  • in

  • in

  • voor

  • in front of

  • achter

  • behind

  • naast

  • next to

  • beneden

  • down / downstairs

  • op

  • at / on top

  • tussen

  • between

  • in het midden

  • in the middle

  • over

  • about

  • over

  • over

  • bij

  • at, near

  • tegen

  • against

  • tegenover

  • in front of

  • rond

  • around

  • zonder

  • without

  • voor

  • before

  • na

  • after

  • om

  • at, around

  • binnen

  • inside

  • buiten

  • outside

  • boven

  • above / up

  • upstairs

  • onder / below

Leer Nederlands met the Dutch Online Academy! Nederlandse grammatica, uitleg, online Skype Lessen en PDFs.

Practice with exercises

Oefening Nederlandse preposities / Exercise Dutch prepositions

Vandaag is er een markt ... de stad. Ik ga ... de fiets ... de markt. ... de markt zet ik mijn fiets ... een muur. Ik zet mijn fiets ... slot, zodat hij niet gestolen kan worden. Ik loop ... de markt en bekijk de kraampjes. Ik loop ... een kraam met noten en olijven en een viskraam, maar ik heb geen interesse. ... een groentekraam blijf ik staan. Ik heb interesse ... de aubergines, ze zijn erg goedkoop! Ook heb ik zin ... spruitjes, maar vanavond komt er een vriendin ... me eten. Ze heeft een hekel ... spruitjes. Ze houdt heel erg ... pasta, daarom koop ik wat tomaten ... de pastasaus.

Solutions

Antwoorden / Answers

Vandaag is er een markt IN de stad. Ik ga MET de fiets NAAR de markt. OP de markt zet ik mijn fiets TEGEN een muur. Ik zet mijn fiets OP slot, zodat hij niet gestolen kan worden. Ik loop OVER/OP de markt en bekijk de kraampjes. Ik loop NAAR/LANGS een kraam met noten en olijven en een viskraam, maar ik heb geen interesse. BIJ een groentekraam blijf ik staan. Ik heb interesse IN de aubergines, ze zijn erg goedkoop! Ook heb ik zin IN spruitjes, maar vanavond komt er een vriendin BIJ me eten. Ze heeft een hekel AAN spruitjes. Ze houdt heel erg VAN pasta, daarom koop ik wat tomaten VOOR de pastasaus.

Let op: sommige preposities zijn vaste preposities bij werkwoord (houden van, zin hebben in, een hekel hebben aan). In onze shop vind je meer oefeningen over preposities bij werkwoorden.

Note: some prepositions are fixed prepositions with verbs (houden van, zin hebben in, een hekel hebben aan). In our shop you will find more exercises about prepositions that go with certain verbs.