Maar en nou als partikel (Kom maar binnen. Kom nou!)

'Kom binnen' en 'Kom maar binnen' betekenen hetzelfde, maar ze voelen anders. Kleine woordjes als maar en nou veranderen niet wát je zegt, alleen hoe het klinkt: vriendelijk, ongeduldig, berustend of verbaasd. Je leert wat ze doen, waar ze staan en wanneer je ze beter weglaat.
Has Quiz
# partikels

1. Kleine woordjes, andere toon

Kleine woordjes als maar, nou, hoor en even heten partikels. Ze veranderen niets aan de feiten, alleen aan hoe je zin klinkt. Vergelijk:

Nederlands · Engels

  • Kom binnen. · Come in. (neutraal en direct)
  • Kom maar binnen. · Come on in. (vriendelijk: ga je gang, je bent welkom)
  • Kom nou binnen! · Come in, will you! (ongeduldig: ik heb het al gevraagd)

Dit artikel gaat over maar en nou. Voor hoor is er een aparte Tip: Hoor.

2. Maar in de imperatief: ga je gang

In de imperatief klinkt maar vriendelijk. Je geeft toestemming of moedigt iemand aan: ga je gang, het mag.

Nederlands · Engels

  • Ga maar zitten. · Have a seat.
  • Zeg het maar. · Go ahead, tell me. (In een winkel: Zegt u het maar. = What can I get you?)
  • – Zal ik je helpen? – Nee, laat maar. · – Shall I help you? – No, don't bother.
  • Wacht maar tot papa thuiskomt! · Just wait till Dad gets home! (een licht dreigement, vaak half grappend)

Ook het bekende gezegde Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg gebruikt het.

3. Maar als je je erbij neerlegt: dan maar …

Maar laat ook zien dat je je erbij neerlegt omdat er niets anders op zit, vaak samen met dan.

Nederlands · Engels

  • Niemand helpt me. Dan doe ik het maar zelf. · Nobody's helping me. Then I'll just do it myself.
  • De laatste trein is weg. Dan nemen we maar een taxi. · The last train has gone, so we'll just take a taxi.

Een derde gebruik ken je al van wensen: Was ik maar rijk! (If only I were rich!)

4. Partikel, voegwoord of 'alleen'? Waar staat maar?

Maar heeft meer dan één taak. De plaats in de zin vertelt je welke:

  • Aan het begin van een zin is het een voegwoord: Ik wil wel, maar ik heb geen tijd. · I'd like to, but I don't have time.
  • Voor een hoeveelheid betekent het alleen of slechts: Het kost maar vijf euro. · It only costs five euros.
  • Midden in de zin, na het verbum, is het een partikel: Kom maar binnen.

Het partikel staat na het vervoegde verbum, na korte woordjes als het, me en je en meestal ook na een bepaald object (je jas). Het staat voor de rest: een plaats, een object met een, het scheidbare deel of de infinitief aan het eind.

Nederlands · Engels

  • Leg je jas maar op de stoel. · Just put your coat on the chair.
  • Neem maar een stuk taart. · Go ahead, have a piece of cake.

Maar even hoor je heel vaak: Ga maar even zitten. (Have a seat for a moment.)

5. Nou vooraan en in de imperatief

Met nou vooraan win je even tijd en laat je twijfel horen. Een kort, krachtig Nou! betekent juist het omgekeerde (en hoe!), net als Nou en of! (absoluut!).

Nederlands · Engels

  • – Ga je mee naar het feest? – Nou, ik weet het niet. · – Are you coming to the party? – Well, I don't know.
  • – Was het druk? – Nou! · – Was it busy? – And how!
  • – Heb je zin in de vakantie? – Nou en of! · – Are you looking forward to the holiday? – Absolutely!

In de imperatief klinkt nou ongeduldig of smekend.

  • Kom nou! We gaan! · Come on! We're leaving!
  • Schiet nou op! · Hurry up, will you!
  • Mag ik mee? Toe nou! · Can I come? Oh, please!

6. Nou in vragen en korte reacties

Nou is ook de spreektaalvorm van nu. In een vraag betekent het zelden 'op dit moment': het voegt verbazing of irritatie toe.

Nederlands · Engels

  • Wat doe je nou? · What on earth are you doing?
  • Waar is mijn telefoon nou? · Where's my phone got to?

Ook in veel korte reacties hoor je nou:

  • – Je bent te laat. – Nou en? · – You're late. – So what? (het maakt niet uit; kan brutaal klinken)
  • Wat nou, te laat? Het is pas acht uur! · What do you mean, late? It's only eight o'clock!
  • – Ik ben geslaagd! – Nou, nou! · – I passed! – Well, well!
  • – Ik word vijftig. – Kom nou! · – I'm turning fifty. – Come off it! (ongeloof)
  • Nou ja, het is niet anders. · Oh well, it can't be helped.

7. Toon en register

In een langere zin krijgen maar en nou geen klemtoon (Kom maar BINnen. Schiet nou OP!). Je toon doet de rest.

Allebei horen ze vooral bij gesproken Nederlands en chatberichten; maar kan ook beleefd met u (Gaat u maar zitten.). In een formele tekst, zoals een brief aan de gemeente, laat je nou weg (schrijf nu of formuleer het anders) en schrijf je gerust in plaats van het aanmoedigende maar: Neem gerust contact met ons op.

Veelgemaakte fouten

Fout · Goed · Waarom

  • ✗ Maar kom binnen. · ✓ Kom maar binnen. · Vooraan is maar een voegwoord (but).
  • ✗ Zeg maar het. · ✓ Zeg het maar. · Het staat voor maar.
  • ✗ – Vond je het leuk? – Nou en? · ✓ – Nou en of! · Nou en? = So what? Nou en of! = absoluut!

In het kort

  • maar in de imperatief = vriendelijk, ga je gang: Kom maar binnen. (Wacht maar! = een licht dreigement.)
  • maar als je je erbij neerlegt = dan maar: Dan doe ik het maar zelf.
  • Het partikel maar staat na het verbum (en na het, me, je), voor de rest. Aan het begin van een zin is maar een voegwoord.
  • nou vooraan = twijfel; in de imperatief = ongeduld: Schiet nou op!
  • nou in een vraag = verbazing of irritatie: Wat doe je nou?
  • Gesproken Nederlands. In formele teksten: geen nou, en gerust in plaats van maar.

Practice in Dutch

Loading...

Discussie

Gratis oefenen, elke week

Begin met het verbeteren van je Nederlands en ontvang elke week interessante taaltips en nieuwe woorden. Uitschrijven kan op elk moment.

Unsubscribe at any time.

We will never share your email