Learn Dutch via email
NEWFind out your Dutch levelTake the short quiz free

Get to your Dutch Language goals improving regularly

Combined Shape CopyCreated with Sketch.

Boost your progress with a weekly compilation of video lessons, podcast episodes, dutch grammar, stories, exercise pdfs and much more.


Free, cancel anytime
Combined Shape CopyCreated with Sketch.

7 Nederlandse samenstellingen met een verrassende betekenis

What do Dutch compound words look like? Here we give you a few examples!

Pinda samenstellingen Nederlands -
Nederlanders houden van samenstellingen! Een samenstelling is een combinatie van woorden die samen een nieuw woord vormt. Je kunt ontelbaar veel samenstellingen maken. Zo kun je met bad en kamer de samenstelling badkamer vormen, maar je kunt ook een stap verder gaan met woorden als badkamertegel. In dit artikel bespreken we een paar bijzondere samenstellingen.
1. Boterham 
Dit woord ken je waarschijnlijk al als je Nederlands leert, want het wordt veel gebruikt! Nederlanders eten boterhammen tijdens het ontbijt en de lunch. Maar… wat ís het nu precies? Veel taalleerders denken dat een boterham een broodje is met boter en ham, maar niets is minder waar. Een boterham is simpelweg een sneetje brood. En daar kun je boter en ham opdoen als je wilt. Dan is het dus een boterham met boter en ham. Maar je kunt een boterham ook combineren met iets anders, zoals kaas, jam of pindakaas.
2. Pindakaas 
Een pinda is een peanut. Kaas is natuurlijk cheese. Samen is het dus peanut cheese. In veel landen wordt dit product pindaboter genoemd (peanut butter, mantequilla de cacahuète), maar in het Nederlands was het niet mogelijk deze naam te gebruiken. Toen pindakaas in 1948 op de markt kwam, was het in Nederland verboden het woord boter voor andere producten te gebruiken dan echte boter. Zo moesten de Nederlanders een ander woord vinden voor dit lekkere smeersel. En ze dachten natuurlijk direct aan kaas.
3. Appeltje-eitje
We blijven nog even bij de pinda’s, want appeltje-eitje vertaalt als peanuts! Als in: heel erg makkelijk. Appeltje-eitje, toch? 
4. Huiswerk
Dit woord is niet echt grappig, maar we hebben huiswerk toch in dit lijstje opgenomen, omdat het woord verwarrend kan zijn voor mensen die Nederlands leren. Huiswerk is eigenlijk thuiswerk: werk dat je thuis moet doen en niet op school of in de klas. Homework dus. De klusjes die je in huis moet doen, zoals schoonmaken en de was doen, noemen we het huishouden.
5. Stofzuigen 
Over het huishouden gesproken… stofzuigen is een grappig werkwoord, want stof betekent dust en zuigen betekent to suck. Gelukkig hebben we er een apparaat voor: een stofzuiger. 
6. Stopcontact
Dit woord is verwarrend! Tegenwoordig hebben we namelijk vaak een stopcontact nodig om contact te maken met anderen via onze smartphone of tablet. Een stopcontact is namelijk een wall socket. Het heeft dus niets met het stoppen van contact te maken! 
7. Kletskous 
Kletsen betekent to chat en een kous is een lange sok die bijna tot je knie komt. Kletskous is geen kledingstuk. Het is gewoon iemand die veel kletst en graag praat. Gezellig! 
8. Handdoek
Dit is een handig woord. Een handdoek is een doek waarmee je je kunt afdrogen na een bad of douche. Niet alleen voor je handen dus! 9. Omafiets
De fiets van je overgrootmoeder? Nee! Een omafiets is gewoon een typisch Nederlandse fiets. In het verleden werden ze vooral door vrouwen gebruikt, maar tegenwoordig wil iedereen er een. 10. Achteruitkijkspiegel
We hebben dit woord toegevoegd om je te laten zien hoe lang samenstellingen kunnen worden:. Achteruit betekent backwards, kijken om to look en spiegel mirror. Ja, je raadt het al, het is een spiegel waarmee je naar achteren kunt kijken in de auto.
comments

Login to leave a comment